14

Aan het einde van augustus, een paar dagen voor Indira en ik terug naar school zouden gaan, begonnen de weeën van Selina. De meiden renden de trappen op en neer met handdoeken en warm water. De sfeer in de keuken was gespannen, met de gebruikelijke mengeling van verwachting over de komst van een nieuwe baby en angst dat het misschien niet goed zou gaan.

‘Dokter Trefusis is op de terugweg van het ziekenhuis in Exeter. Alleen Lady Selina kiest natuurlijk een zondagavond om te bevallen. Laten we hopen dat hij op tijd is,’ zei Mrs. Thomas. Ze rolde met haar ogen.

Een uur later kwam Tilly, Selina’s meid, naar beneden met een bleek gezicht. ‘Het gaat helemaal niet goed, ze rolt over het bed van de pijn en gilt het hele huis bij elkaar. Ik weet niet wat ik moet doen om haar rustig te krijgen. Wat kan ik haar geven, Mrs. Thomas? Ik ben bang dat de baby vastzit of zo.’

‘Heb je gevraagd of Her Ladyship erbij komt?’ vroeg Mrs. Thomas.

‘Ja, maar u weet ook wel dat Lady Astbury niet in de buurt van een bevalling komt. Ik denk dat ze iemand heeft betaald om die van haar geboren te laten worden!’

‘Lady Selina is vast moe,’ merkte ik op vanuit mijn vaste stoel in de hoek van de keuken.

‘Ze is uitgeput, Miss Anni, ze is al zes uur bezig,’ legde Tilly uit.

‘Dan moet je haar wat suikerwater geven om haar suikerspiegel op peil te houden,’ adviseerde ik rustig. ‘En laat haar zoveel mogelijk bewegen.’

Alle ogen in de keuken richtten zich op mij. ‘Heb jij ooit een baby geboren zien worden, Miss Anni?’ vroeg Mrs. Thomas.

‘O ja. Ik heb heel wat keren toegekeken als mijn moeder de vrouwen in de omgeving hielp tijdens hun weeën.’

‘Nou, alles is toegestaan in tijden van nood,’ zei Mrs. Thomas. ‘Miss Anni, zou jij met Tilly naar boven willen gaan? Zij zal Lady Selina vragen of ze jou wil ontvangen.’

‘Echt?’ zei ik. Ik stond nerveus op uit mijn stoel.

‘Het enige wat ze kan is nee zeggen, toch? Het lijkt erop dat ze alle hulp nodig heeft die ze kan krijgen. Ga maar, lieverd.’

Ik volgde Tilly naar boven en toen ik op de gang stond te wachten, hoorde ik Selina kreunen.

Tilly stak haar hoofd om de deur en wenkte mij naar binnen. ‘Ze leek niet te begrijpen wat ik zei. Kom maar gewoon.’

Ik liep de slaapkamer binnen en zag Selina plat op haar rug liggen. Haar gezicht was wit, haar haren plakten van het zweet aan elkaar.

‘Lady Selina, ik ben het, Anahita. Ik heb eerder baby’s op de wereld geholpen. Mag ik proberen u te helpen?’

Selina hief een uitgeputte hand op, wat ik opvatte als een teken van instemming.

‘Eerst moeten we haar rechtop laten zitten tegen de kussens, zodat ze het suikerwater kan drinken, en dan snel beneden wat natte lappen halen om op haar voorhoofd te leggen. Bind haar haren op,’ zei ik tegen Tilly, ‘dat is minder warm.’

Toen we Selina voorzichtig zo ver hadden gekregen om rechtop te zitten en Tilly haar wat suikerwater had laten drinken, voelde ik haar pols, die veel te snel ging.

‘Lady Selina, mag ik u onderzoeken? Ik moet weten hoe ver u bent.’

Ze knikte met tegenzin, haar ogen nog altijd gesloten.

Ik tilde haar nachthemd op, onderzocht haar en voelde onmiddellijk dat ze nog maar vier vingertoppen ontsluiting had. Ze had er tien nodig voor ze ook maar aan persen kon denken.

‘Lady Selina, de baby wil graag komen, maar uw lichaam is er nog niet klaar voor. Ik wil dat u met mij opstaat en gaat lopen. Ik beloof u dat de zwaartekracht zal helpen. Kunt u dat doen?’

‘Nee, nee… de pijn, de pijn…’ jammerde ze.

‘Laten we het in ieder geval proberen.’

Ik legde mijn arm onder haar rug en hees haar omhoog, sloeg haar benen over de rand van het bed en bracht haar met al mijn kracht tot staan. ‘Goed zo, nu gaan we lopen,’ zei ik tegen haar. ‘Dat helpt ook tegen de pijn.’ Langzaam liet ik haar de ene voet voor de andere zetten en we begonnen naar de andere kant van de kamer te lopen.

‘Kijk maar, u doet het uitstekend,’ moedigde ik aan.

Twee lange uren leidde ik Selina op en neer door de slaapkamer, ademde met haar en fluisterde haar aanmoedigingen toe. De voortdurende beweging kalmeerde haar en haar pols werd rustiger.

‘Ik moet persen!’ kondigde ze opeens aan.

Dit was het moment waarop ik wist dat alles klaar moest staan en ik gebaarde naar Tilly dat ze handdoeken op het bed moest leggen. Ik hielp Selina boven op de handdoeken te gaan liggen. ‘Nog niet persen, Lady Selina, hijg in plaats daarvan, als een dorstige hond… zo…’ Ik liet een reeks vlakke ademhalingen horen en glimlachte bemoedigend naar haar toen ze mij begon na te doen. Ik controleerde snel of ze voldoende ontsluiting had om de baby door te laten. Toen ik wist dat dat inderdaad het geval was, zei ik dat de volgende keer als ze aandrang had om te persen, ze dat moest doen, zo hard als ze maar kon. Een schreeuw scheurde door de stille nachtlucht toen ik het babyhoofdje in de opening zag verschijnen.

Ze moest nog een paar keer persen – en Selina kneep zo hard in mijn hand dat het voelde alsof de botten zouden verpulveren – maar toen schoot het babyhoofdje naar buiten. Vervolgens hielp ik de rest van het kleine, perfecte mensje uit de moeder glijden.

‘Is de baby in orde, Anahita?’ vroeg Selina. Ze probeerde haar hoofd op te tillen om te kijken, maar dat lukte niet.

‘O! O!’ Tilly sloeg haar handen voor haar gezicht toen de baby tussen Selina’s benen lag. ‘Het is een meisje! Gefeliciteerd, Lady Selina!’

Ik pakte de baby op en legde haar direct in Selina’s armen. Op dat moment ging de deur open en kwam de dokter binnen.

‘Zo, zo,’ zei hij toen hij naar het voeteneind van het bed liep en zijn blik over moeder en kind liet gaan, die nu rustig waren van uitputting en triomf. De dokter opende zijn dokterstas en haalde er een instrument uit waarmee de navelstreng kon worden doorgeknipt. Hij keek naar mij en glimlachte onhandig. ‘Zal ik het nu maar overnemen?’

‘Natuurlijk.’ Ik wist dat ik niet meer nodig of gewenst was en wilde de kamer verlaten. Selina stak onmiddellijk haar hand naar mij uit. ‘Dank je wel, Anni, je was geweldig!’

De volgende ochtend, toen ik naar beneden ging om in de keuken te ontbijten – zo kapot dat ik niet eens voor mijn ochtendrit met Donald was opgestaan – kreeg ik de ontvangst van een heldin.

‘Je hebt haar leven gered! Dat zegt Lady Selina in ieder geval,’ zei Tilly. ‘Miss Anni was fantastisch,’ vertelde ze aan iedereen in de keuken. ‘Ze wist precies wat ze moest doen en kalmeerde haar. Ik hoop dat die ouwe strijdbijl daarboven je een beetje dankbaar is, Miss Anni. Dat geloof je toch niet, dat ze niet eens in de buurt van haar arme dochter wilde komen, toen ze zoveel pijn had? En ik hoorde haar na afloop tegen de dokter zeggen op de overloop dat Lady Selina geluk had gehad dat het een normale bevalling was. Het enige wat ik kan zeggen is dat ze haar handen dicht mag knijpen dat jij er was en wist wat je moest doen.’

Later die dag werd ik naar boven geroepen door Selina om de baby te zien. Selina lag tevreden in bed met haar dochter in haar armen. Ze glimlachte stralend naar me toen ik binnenkwam.

‘Hallo, Anni. Kom mijn prachtige, perfecte baby eens bekijken.’ Ze klopte op de rand van het bed en ik ging aarzelend zitten.

‘O, wat is ze mooi!’ zei ik en ik stak mijn vinger uit om haar fluwelige huidje te strelen. ‘Hoe hebt u haar genoemd?’

‘Ik ben bang dat ik daar niet veel keus in had. Ze heet Eleanor, naar haar vaders moeder. Ze is echt een schatje, vind je niet? Wil je haar vasthouden, Anni?’

‘Heel graag!’ zei ik en ze legde de baby in mijn armen.

‘Ik wil je zeggen, lieve Anni, dat je afgelopen nacht een wonder bent geweest. Ik heb mijn familie vanochtend verteld dat ik niet weet wat ik zou hebben gedaan als jij er niet was geweest. Dank je wel, namens ons allebei.’

‘Het was niets.’ Ik lachte naar haar. ‘Het was mij een eer om deel uit te maken van het wonder van een nieuw leven.’

‘Ja, ik wilde alleen dat de vader van dit kleine wonder hier was om zijn dochter te zien. We hebben een telegram naar Frankrijk gestuurd, natuurlijk, maar God weet wanneer hij het bericht krijgt.’

Opeens begonnen de vage geluiden weer in mijn oren te klinken en mijn hart voelde zwaar van duisternis. Ik wist op dat moment dat deze baby haar vader nooit zou zien. Ontdaan dwong ik mijzelf te glimlachen. ‘Hij is hier voor u het weet,’ loog ik.

‘Ik kan alleen maar bidden dat dat zo is. Maar goed… prinses Indira vertelde me dat jullie morgen weer naar school vertrekken. Is dat zo?’

‘Ja.’

‘Het is zo jammer, Anni. Ik wilde dat jij voor ons kon zorgen, in plaats van die oude kinderverzorgster die mijn moeder in dienst heeft. Ik vind de manier waarop jij dingen aanpakt veel prettiger. Beloof me dat je snel terugkomt?’

‘Ja,’ zei ik en ik gaf haar de baby terug.

‘Vaarwel dan, Anni, en nogmaals bedankt.’

‘Vaarwel. En veel geluk met uw prachtige dochter.’

Toen ik opstond en naar de deur liep, zei Selina: ‘Ben je echt nog maar veertien, Anni? Ik kan het nauwelijks geloven. Vannacht voelde het alsof er een vrouw bij me was die minstens drie keer zo oud was en met drie keer zoveel ervaring.’

‘Ja, echt.’ Ik lachte nog even naar haar ten afscheid en liep de kamer uit.

We zouden de volgende ochtend om elf uur naar school vertrekken, wat me de gelegenheid gaf om voor de laatste keer met Donald te gaan rijden. Hij had natuurlijk het verhaal gehoord hoe ik zijn nichtje ter wereld had geholpen.

Toen we op onze vaste plaats zaten, bij de kreek, vroeg hij me hoe ik geweten had wat ik moest doen.

‘Het is eigenlijk heel eenvoudig,’ legde ik uit. ‘Je moet altijd de natuur volgen. Het lichaam van je zuster wist het allemaal, ik heb alleen geprobeerd haar te helpen het te vertrouwen.’

Ik zag dat er vandaag een nieuw respect voor mij in Donalds ogen was. ‘Mijn hemel, als er alleen maar meer mensen in de wereld zo zouden denken. Mijn vader had een groot respect voor de natuur. Je bent ontzettend wijs, Anahita, zeker voor je leeftijd.’

‘Soms,’ zei ik en ik boorde de hiel van mijn laars in de stevige, droge grond, ‘vind ik het meer een vloek dan een zegen.’

‘Wat bedoel je?’

‘Nou, om een hoofd te hebben dat de wereld wil snappen.’ Ik keek naar hem. ‘Voor de meeste vrouwen is mooi zijn en veel nieuwe jurken bezitten genoeg om ze tevreden te stellen.’

‘Met die jurken kan ik je niet helpen,’ grinnikte hij, ‘maar ik kan je wel zeggen dat je mooi bent. Heel erg mooi. En nu moesten we maar weer eens naar huis.’

Toen we van de stallen terugliepen naar het huis, zei Donald opeens: ‘Ik zal onze ochtendritjes samen missen.’

‘Ik ook,’ zei ik en ik meende het met heel mijn hart.

Hij boog zich naar me toe en kuste me zachtjes op mijn wang. ‘Vaarwel, Anni, kom gauw terug. Je bent een heel bijzondere jonge vrouw en ik ben blij dat ik je heb leren kennen.’

Mijn hart zong van vreugde op de weg terug naar school in Eastbourne. Zelfs Indira’s gebabbel over hoe ze ernaar uitkeek om Celestria en de rest van de meisjes terug te zien, en de gedachte dat ik weer opgesloten en eenzaam zou zijn, konden mijn humeur niet bederven.

Ik had iemand ontmoet die mij waardeerde om wie ik was. We waren vrienden, dat was alles. Ik deed in ieder geval mijn best om dat te geloven, maar de herinnering aan zijn lippen op mijn wang vertelde mijn hart iets heel anders.