47
Die avond dineerden Ari en Rebecca samen in haar suite.
‘Je bent fantastisch,’ zei hij toen hij haar een klein glas wijn inschonk. ‘Als ik had doorgemaakt wat jij gisteravond hebt beleefd, dan zou ik nu gebroken zijn, ik zweer het je.’
‘Tja,’ zei Rebecca en ze haalde haar schouders op, ‘ik denk dat ik vreemd gedrag wel een beetje begrijp. Mijn moeder was weliswaar niet schizofreen, zoals Anthony, maar als ze dronk, kon ze heel agressief worden. Ik ben dus wel gewend aan de bizarre kant van de menselijke natuur. Jij bent hier de held, Ari. Jij weigerde te worden afgescheept en dwong Mrs. Trevathan te vertellen waar hij mij naartoe had gebracht. Godzijdank!’ Ze huiverde.
‘Geen wonder dat Anthony niet wilde dat ik het huisje aan de beek onderzocht. Hij vertelde me dat het vervallen was, toen ik ernaar vroeg. En natuurlijk blijft de grote vraag, of je werkelijk verwant bent aan Violet.’
‘Ik weet niet wie mijn vader is, dus ik zal er waarschijnlijk nooit achter komen. En eigenlijk wil ik dat ook niet eens. Het verleden is voorbij. Ik wil me nu op de toekomst richten.’
‘Je hebt gelijk, Rebecca. Het heeft geen zin om in het verleden te blijven hangen. Ik moet je voorbeeld volgen, sterk zijn en verdergaan met mijn toekomst, hoe die er ook uitziet.’ Ari zuchtte.
‘Nou, ik ga in ieder geval mijn best doen. Ik geef toe dat ik tranen met tuiten heb gehuild toen ik een foto van Jack met zijn nieuwe vriendin zag in de krant die ze naar mijn kamer brachten. Dat deed echt pijn.’ Rebecca stond op, liep naar de bank en haalde er een krant onder vandaan. ‘Er staat: “Het is voorbij! Jack dumpt Becks voor zijn nieuwe liefde!” Ik had ook niets anders verwacht,’ zei ze gelaten.
‘Het spijt me, Rebecca.’
‘Hoeft niet. Het is echt beter zo. Ik wist dat er geen weg terug was, zodra ik hem vertelde dat hij moest veranderen. Zijn trots had het niet aangekund.’
‘En cirkelen de media nu als aasgieren om je heen om jouw kant van het verhaal te horen?’
‘Blijkbaar. Mijn agent belde me toen jij weg was. Ze weten voorlopig tenminste niet dat ik hier logeer. Iemand zal het wel weer doorvertellen, dat gebeurt altijd.’
‘God, Rebecca, je hebt niet echt een gemakkelijk leven, hè?’
‘Mijn agent wil dat ik een verklaring naar buiten breng. En weet je wat? Dat heb ik geweigerd. Ik heb genoeg van dat spelletje. Wie kan het nu iets schelen wat andere mensen denken? Ik weet wat er gebeurd is en dat is het enige wat telt. Ik heb er zo genoeg van.’ Rebecca schudde haar hoofd. ‘Je zult het nauwelijks geloven, gegeven de gebeurtenissen van de afgelopen vierentwintig uur, maar ik mis de rust en de stilte van Astbury Hall. Niemand kon mij daar bereiken met dit soort onzin. Ik zit in een draaimolen, waarin mijn leven als voer aan het publiek wordt geserveerd en ik wil dat gewoon niet langer.’
‘Dat snap ik,’ zei Ari.
‘Ik zie ertegen op om terug te gaan.’
‘Nu we het over teruggaan hebben, ik moet je vertellen dat ik morgenochtend moet vertrekken. Ik moet een paar dingen doen in Londen voor ik aan het eind van de week terugvlieg naar India.’
‘Moet je echt weg? Ik bedoel, ik begrijp het natuurlijk.’
‘Je bent nu veilig, daar ben ik van overtuigd. Anthony is opgenomen, je bent hier in het hotel bij de filmcrew en over een paar dagen vertrek je zelf ook.’
‘Ja, dat is zo. Dus vanavond is ons afscheid?’
‘Ik denk het wel, ja.’
‘Ik kan alleen maar zeggen dat ik je heel dankbaar ben voor alles wat je de afgelopen dagen hebt gedaan om mij te helpen. Ik zal het nooit vergeten.’
‘Mij ook niet, hoop ik?’ Ari glimlachte naar haar.
‘Nee, ik vergeet jou ook niet,’ zei ze zacht. ‘Weet je, een paar dagen geleden was ik er echt van overtuigd dat ik familie was van Violet… en misschien is dat ook wel zo, maar ik zal er nooit achter komen.’
Ari keek naar haar en zei: ‘Kun je het je ouders dan niet vragen?’
‘Nee, mijn moeder is dood en ik heb geen idee wie mijn vader was. Hoe dan ook, hoe jammer ik het ook vind, ik heb morgen een drukke dag voor de boeg en ik moet me voorbereiden. En jij moet vast je koffers pakken,’ voegde ze eraan toe.
‘Oké. Ik laat je met rust.’
Ze stonden allebei op.
‘Nou,’ zei ze en ze glimlachte. ‘Dat is het dan.’
‘Ja.’
Ze liepen zwijgend naar de deur.
‘Slaap lekker straks, en pas goed op jezelf,’ zei hij.
‘Dat doe ik.’ Opeens schoten er tranen in Rebecca’s ogen. ‘Ik loop met je mee naar de lift,’ zei ze.
Ze verlieten samen de kamer en liepen naar de lift. Geen van tweeën zei iets toen de lift kwam.
‘Nou, vaarwel, Ari,’ zei ze toen hij erin stapte en de deuren begonnen te sluiten.
Hij drukte op de knop om de deuren tegen te houden. ‘Rebecca?’
‘Ja, Ari?’ zei ze met neergeslagen ogen.
‘Kijk me aan.’
Rebecca keek hem aan hij zag de emotie in haar ogen. Die was gelijk aan de zijne.
‘Ik wil je nog iets zeggen voor ik wegga. We hebben allebei een reis die we moeten afsluiten de komende paar dagen en ik moet terug naar India. Maar ik denk dat we elkaar snel weer moeten zien. Ben je het daarmee eens?’
De liftdeuren begonnen weer dicht te schuiven. Deze keer drukte Rebecca op de knop.
‘Ja,’ zei ze.
‘Ik wil je ook zeggen dat als je ooit besluit om naar India te komen, je mij dat moet laten weten.’
‘Dat doe ik.’
‘Beloofd?’
‘Beloofd.’
De deuren schoven dicht en Ari verdween.
Toen ze de volgende dag naar Astbury Hall terugging om haar scènes op te nemen, trilde Rebecca van de zenuwen.
‘Probeer het van je af te zetten, Rebecca, we zijn hier allemaal om je te beschermen tegen verliefde mannen die zich in donkere hoekjes schuilhouden,’ zei Steve toen hij haar naar de make-up bracht. ‘Nog maar één dag.’
‘Het lukt wel,’ antwoordde ze. Ze voelde zich opgelaten dat een versie van het verhaal zich kennelijk al onder de cast en de crew had verspreid.
Gelukkig waren de meeste opnames buiten en werd Rebecca direct na afloop ervan teruggereden naar het hotel.
Toen ze weer in het hotel was, besefte Rebecca dat ze, nu ze niet langer in Astbury Hall verbleef, niet kon wachten tot ze uit Devon zou vertrekken. Ze voelde zich gevangen in haar suite, al was het de grootste van het hele hotel, en verlangde naar de grote ruimte om zich heen waaraan ze gewend was geraakt.
‘God help me als ik terug ben in New York,’ mijmerde ze. Ze dacht aan haar flat op een hoge verdieping van een glanzende stalen wolkenkrabber, waar ze weer ingesloten zou zijn door paparazzi zodra ze naar de stad terugkeerde.
Het waren niet alleen de uitgestrekte tuin en de eindeloze heide van Astbury die ze zou missen, besefte ze. En Jack was het ook niet. Er had zich de afgelopen vierentwintig uur een leegheid in haar genesteld die ze moeilijk kon beschrijven. Het was alsof een deel van haar was verdwenen en er een doffe pijn voor in de plaats was gekomen. Ze weigerde nog even te erkennen wat dat precies kon zijn.
Op de laatste dag van de opnames, toen de regisseur had verklaard dat alles erop stond, hadden de cast en de crew zich verzameld op het terras en dronken champagne in het schitterende avondzonlicht.
‘Vind je het jammer dat het voorbij is, Becks?’ vroeg James.
‘In veel opzichten, ja. Het is een geweldige ervaring geweest. Ik denk dat ik zowel als mens als actrice ben gegroeid.’
‘Dat is zeker zo,’ zei Robert. Hij legde een arm om haar schouders. ‘Geweldig gedaan, lieverd, echt geweldig. Reken maar op een bak vol prijzen volgend jaar.’
‘Dank je wel, Robert, ik hoop dat ik je niet heb teleurgesteld.’
‘Helemaal niet, lieverd, helemaal niet. En ik hoop dat we heel gauw weer kunnen samenwerken.’
Rebecca zag Mrs. Trevathan aan de andere kant van het terras de champagne serveren. Ze was haar de afgelopen twee dagen uit de weg gegaan, omdat ze zich niet wilde bezighouden met wat er was voorgevallen. Nu wist ze dat ze naar haar toe moest gaan en afscheid moest nemen. Wat er ook gebeurd was, Mrs. Trevathan was heel vriendelijk voor haar geweest.
Toen de filmcrew voor de laatste keer begon in te pakken, liep Rebecca de woonkamer binnen en ging naar haar op zoek. Ze vond haar in de keuken, waar ze glazen stond af te wassen.
‘Hallo,’ zei ze verlegen. ‘Ik kom even gedag zeggen.’
Rebecca zag hoe Mrs. Trevathan haar handen droogde aan haar schort en zich omdraaide om haar aan te kijken. Haar ogen stonden verdrietig. ‘Rebecca, het spijt me zo. Ik vind het zo erg wat jou is overkomen. Ik houd mezelf verantwoordelijk. Ik was de enige die had moeten zien waar dit op uit zou lopen.’
‘Geef uzelf alstublieft niet de schuld, Mrs. Trevathan, ik doe dat in ieder geval niet. Ik vind dat u geweldig bent, zoals u al die jaren voor Anthony hebt gezorgd.’
‘Ach, je doet wat je kunt voor de mensen van wie je houdt.’ Ze zuchtte. ‘Hoe dan ook, ik hoop dat je niet alleen maar slechte herinneringen hebt aan je tijd op Astbury.’
‘Natuurlijk niet. Afgezien van wat er een paar dagen geleden is gebeurd, vond ik het heel fijn om hier te zijn. Maar hoe gaat het nu verder met u?’ vroeg Rebecca. ‘Wat gaat u doen nu Anthony voorlopig niet meer hier woont?’
‘Het Astbury Estate is nu in handen van de curators, lieverd. Zij moeten beslissen wat zij het beste vinden voor het huis. Ook als ze besluiten het te verkopen, zal daar nog wel enige tijd overheen gaan.’
‘Kunnen de curators dat doen? Ik dacht dat alleen Anthony die beslissing kon nemen.’
‘Ja, maar helaas zal His Lordship ontoerekeningsvatbaar worden verklaard. Ik had je willen schrijven, lieverd, want ik ben bij hem langsgegaan in het ziekenhuis en hij wil je laten weten hoe erg hij het vindt dat hij je zo aan het schrikken heeft gemaakt. Het probleem is dat hij verliefd op je was geworden en dat bracht hem in verwarring, die arme schat.’
‘Ik weet het, dr. Trefusis heeft het mij uitgelegd. Het spijt me zo.’
‘Daar kun jij niets aan doen. Jij kunt niet helpen dat je bent wie je bent en kunt ook niets doen aan het effect dat je op hem had. Als je hem ooit zou willen schrijven, ik weet zeker dat hij het erg op prijs stelt als je hem zou kunnen vergeven. Misschien helpt het hem.’
‘Ja, dat zal ik doen.’ Rebecca zag het gezicht van Mrs. Trevathan opklaren bij haar toezegging. ‘Hij maakt het dus iets beter, zegt u?’
‘Nou, het is nog te vroeg om dat te zeggen. Ik vind het een beetje moeilijk om hem op te zoeken; hij huilt veel en hij vraagt om mee naar huis te mogen, omdat hij nog niet begrijpt waar hij is. Hij is erg in de war. Ik kan alleen maar hopen dat ze hem snel stabiel krijgen. Daarom zou het heel fijn zijn als je zou schrijven. Hij heeft helemaal niemand, begrijp je, behalve mij.’
‘Ik zal het echt doen, ik beloof het. Maar nu moet ik ervandoor. Ik reis vanaf hier direct door naar Londen.’
‘Je zult wel blij zijn om te kunnen terugkeren naar je echte leven in New York.’
‘Nu nog even niet, om eerlijk te zijn,’ gaf Rebecca toe. ‘Ik zal u missen, Mrs. Trevathan. Echt waar.’
‘O, houd op! Je maakt me nog aan het huilen! Je bent toch zo’n lieverd. Kom en geef me een knuffel.’
Mrs. Trevathan spreidde haar armen en Rebecca omhelsde haar.
‘Er is veel gebeurd sinds je komst,’ zei Mrs. Trevathan met een zucht toen ze Rebecca losliet. ‘Houd je contact met die Indiër?’
‘Ik weet het niet.’
‘Het gaat mij natuurlijk niet aan, maar ik vond jullie goed bij elkaar passen. En op de lange duur zou hij beter voor je zijn dan zo’n doldrieste acteur,’ voegde ze eraan toe. Ze zwegen allebei even bij de herinnering aan Jack.
‘Misschien.’ Rebecca knikte.
‘Nou, ga nu maar en maak me trots.’
‘Ik doe mijn best, en als u ooit naar New York zou willen komen en mij wilt opzoeken, dan weet u dat er in mijn flat altijd plaats voor u is, zolang als u wilt.’
‘Dank je wel, lieverd. Maar ik denk dat we allebei weten dat ik His Lordship nooit alleen kan laten, zelfs niet voor een paar dagen. Schrijf je mij ook? Houd me op de hoogte hoe het met je gaat.’
‘Dat zal ik doen, Mrs. Trevathan.’
‘O ja, voor ik het vergeet. Ik wilde je vragen of je deze misschien wilde meenemen als aandenken aan je tijd hier.’ Van de vensterbank achter de gootsteen pakte Mrs. Trevathan de roos die Anthony voor haar had geplukt in de tuin van Astbury. ‘Weet je dat hij is blijven bloeien sinds ik hem weken geleden in je kamer heb gezet?’ zei ze. ‘En toen je was vertrokken, viel het eerste bloemblaadje eraf. Het is zo’n prachtige kleur. Misschien kun je hem drogen en in een boek bewaren. Hij helpt je misschien His Lordship te herinneren zoals hij was.’
‘Ja,’ zei Rebecca en ze pakte de roos aan. Ze begreep waarom Mrs. Trevathan hem aan haar wilde geven. Ze bracht hem naar haar neus en inhaleerde de nog altijd sterke geur. ‘Dag, Mrs. Trevathan.’
‘Dag, lieverd.’
Rebecca liep de keuken uit en de hal in. Ze stond stil onder de grote koepel en dacht terug aan de eerste keer dat ze Anthony bij de deur had zien staan.
‘Dag,’ fluisterde ze in de stilte.